Gezinssituatie: invloed op de kinderbijslag ?
fr de

Kind dat geplaatst wordt

Voor kinderen tot 18 jaar die door de rechter of de overheid in een instelling geplaatst zijn:

  • komt 2/3 van de kinderbijslag aan de instelling toe. Er wordt rekening mee gehouden bij de subsidiëring van de verblijfskosten van het kind;
  • wordt 1/3 van de kinderbijslag betaald aan de persoon die het kind opvoedde vóór de plaatsing, zolang die zich om het kind blijft bekommeren. De jeugdrechter of de overheid bevoegd voor jeugdzaken kan beslissen dat het 1/3 op een geblokkeerde spaarrekening op naam van het kind gestort wordt.

Wie vraagt de kinderbijslag aan voor een kind dat in een instelling geplaatst is?

  • in principe de vader,
  • de moeder of – als zij geen kinderbijslag kan aanvragen – haar partner
    • als de vader geen werknemer is,
    • de ouders gescheiden zijn en een van beiden het ouderlijk gezag heeft, en de moeder 1/3 van de kinderbijslag krijgt,
  • een oom, tante of grootouder van het kind, of hun partner, als dat kind vanuit hun gezin in een instelling geplaatst is,
  • een broer of zus van het kind.

Hoe wordt de kinderbijslag voor een geplaatst kind berekend als dat kind samen met andere kinderen gegroepeerd wordt?

De kinderbijslag wordt dan evenredig verdeeld.

1e als 1/3 op een spaarrekening gestort wordt:

  • Eerst worden alle bedragen van de basiskinderbijslag en de sociale toeslag voor de kinderen waarvoor de rechthebbende recht heeft, samengeteld.
  • De som wordt gedeeld door het aantal kinderen.
  • Voor het geplaatste kind wordt daar de leeftijdsbijslag en/of de toeslag voor een gehandicapt kind bijgeteld.
  • Het resultaat van die berekening wordt verdeeld: 2/3 voor de instelling en 1/3 op de spaarrekening. De persoon die het kind vóór de plaatsing opvoedde, krijgt voor dat kind niets. Het geplaatste kind telt ook niet mee voor de berekening van de kinderbijslag voor de andere kinderen.

Een voorbeeld met fictieve bedragen om de manier van berekenen duidelijk te maken.
Voor de echte bedragen: Hoeveel kinderbijslag

Jef en Tessa wonen samen. Hun gezin telt 3 kinderen: Frank, Eva en Bjorn. De jeugdrechter plaatst Frank in een instelling en beslist dat het 1/3 op een geblokkeerde spaarrekening op naam van Frank gestort wordt.

Bedragen van de kinderbijslag

Kinderen Basiskinderbijslag Leeftijdsbijslag
Frank 1e rang 100 40
Eva 2e rang 200 20
Bjorn 3e rang 300 10

Eerste stap: de kinderbijslag voor de 3 kinderen samentellen: 100 + 200 + 300 = 600
Tweede stap: die som delen door het aantal kinderen: 600 : 3 = 200
Derde stap: daarbij de leeftijdsbijslag tellen voor Frank: 200 + 40 = 240
Vierde stap: 240 x 2/3 = 160 voor de instelling en 240 x 1/3 = 80 op de spaarrekening

Voor het bedrag dat Tessa krijgt voor de andere kinderen telt Frank niet mee. Voor Eva krijgt ze dus kinderbijslag van de 1e rang plus haar leeftijdsbijslag (100 + 20 = 120) en voor Bjorn kinderbijslag van de 2e rang plus zijn leeftijdsbijslag (200 + 10 = 210).

2e als 1/3 aan een persoon betaald wordt:

  • Eerst worden alle bedragen van de basiskinderbijslag en de sociale toeslag voor de kinderen waarvoor de bijslagtrekkende kinderbijslag krijgt, samengeteld.
  • De som wordt gedeeld door het aantal kinderen.
  • Voor het geplaatste kind wordt daar de leeftijdsbijslag en/of de toeslag voor een gehandicapt kind bijgeteld.
  • Het resultaat van die berekening wordt verdeeld: 2/3 voor de instelling en 1/3 voor de persoon die het kind vóór de plaatsing opvoedde.

Hetzelfde voorbeeld met fictieve bedragen als onder 1e , maar nu krijgt Tessa 1/3 van de kinderbijslag.

De kinderbijslag voor Frank wordt op dezelfde manier berekend en dat geeft dus 160 voor de instelling en 80 voor Tessa.

Maar in dit geval telt Frank wel mee voor de berekening van de kinderbijslag voor de andere kinderen. Eerst worden de bedragen van de drie rangen (zonder leeftijdstoeslagen) samengeteld: 100 + 200 + 300 = 600. 600 wordt gedeeld door het aantal kinderen (3). Elk kind krijgt dan 200 (600 : 3).

Tessa krijgt zo voor Eva 200 + 20 = 220 en voor Bjorn 200 + 10 = 210. Voor Frank krijgt ze 1/3 van 200 + 40 = 80 (240 : 3). In totaal ontvangt ze dan 510.

Wij hebben ook een folder over de kinderbijslag voor geplaatste kinderen.